Maart '18

Februari '18

November '17

April '17

Maart '17

Februari '17

Januari '17

November '16

April '16

Januari '16

December '15

November '15

Oktober '15

April '15

Februari '15

* Onlangs dienden de VVD en de PvdA een wetsvoorstel in waarmee zij de regels rondom het betalen van kinderalimentatie willen vereenvoudigen. De nieuwe wet zou het huidige systeem voor het berekenen van de alimentatie eerlijker en simpeler maken, zodat er minder problemen ontstaan tussen scheidende ouders. De vFAS is het ermee eens dat de alimentatieregels zo eenvoudig mogelijk moeten zijn, maar verwacht dat de nieuwe wet ook voor een haard van discussie zorgt tussen ex-partners en dat de kinderen daarvan de dupe worden. Daarom pleit de vFAS voor maatwerk, zowel in zaken die bij de rechter terechtkomen als wanneer partijen samen een regeling treffen met behulp van mediation.

Een van de nieuwe voorstellen is dat beide ouders alimentatie gaan betalen. Daarbij wordt zowel draagkracht als het aantal dagen dat een ouder de zorg voor de kinderen heeft, meegenomen in de berekening van de hoogte van het alimentatiebedrag. Hoe meer draagkracht, des te hoger het alimentatiebedrag, en hoe meer zorgdagen, des te minder een ouder aan alimentatie betaalt. Rob van Coolwijk, voorzitter van de vFAS, reageerde op dit voorstel in de uitzending van 18 februari op BNR Nieuwsradio: ‘Dit is niets nieuws. Op dit moment gebeurt dit ook al en dienen beide ouders bij te dragen in de kosten. Nieuw is wel dat ouders precies moeten gaan afspreken wie welke kosten gaat betalen. Ik voorspel dat daarover onenigheid zal ontstaan. Want wie gaat welke kosten betalen? Ouders moeten er samen over eens zien te worden wie welke kosten draagt. En dat is zorgwekkend, want niet alle kosten kunnen worden voorzien. Waarschijnlijk leidt dit juist tot meer conflicten dan voorheen. Op dit moment is het systeem eenvoudiger; degene die de zorg voor het kind heeft, betaalt de kosten en ontvangt van de ex-partner een alimentatiebijdrage voor het kind.’

In het wetsvoorstel wordt tevens de suggestie gewekt dat ouders door middel van een internettool hun scheiding en alimentatie simpeler kunnen regelen. Er komen rekentabellen die iedereen makkelijk zou kunnen begrijpen. Hierdoor kunnen echtparen volgens de Kamerleden zonder tussenkomst van een rechter of mediator zelf hun scheiding regelen. Uit het onderzoek dat de vFAS in 2012 door TNS NIPO heeft laten uitvoeren, bleek echter dat het merendeel van de scheidende echtparen graag goed begeleid wil worden tijdens het echtscheidingsproces. Rob van Coolwijk: ‘Wij pleiten voor gespecialiseerde, goede begeleiding van scheidende echtparen, zodat conflicten worden vermeden. Er moet altijd ruimte zijn voor maatwerk. En dat is niet het geval als ouders hun scheiding via een internettool regelen. Dat is te kort door de bocht. Scheiden is meer dan een invuloefening op internet.’ De vFAS wil ex-partners de kans bieden wanneer mogelijk te schikken en te zoeken naar een goede, duurzame oplossing. ‘Door middel van mediation, objectieve conflictbemiddeling, kan de scheiding in goede banen worden geleid. Niet alleen juridische zaken, maar ook de emotionele en relationele problemen krijgen de aandacht. Zo hoeft een echtscheiding niet uit te monden in een vechtscheiding.’

Het merendeel van de ruim 1.000 aangesloten vFAS-leden is gespecialiseerd advocaat-scheidingsmediator. De vFAS-advocaat-scheidingsmediator beschikt, naast kennis op het relationele en emotionele gebied, evenals knowhow op het vlak van kinderen, over de benodigde actuele juridische kennis om echtscheidingen goed te kunnen begeleiden. Niet voor niets wordt de vFAS regelmatig ingeschakeld.

Bron: www.verder-online.nl


*Uit de praktijk (23 februari 2015):
Onlangs is een uitspraak van het Gerechthof in Den Haag gepubliceerd waarin het Hof een oordeel gaf in een procedure tussen een man en een vrouw die zich in het kader van hun echtscheiding niet hadden laten bijstaan door een gespecialiseerde advocaat/mediator (Rechtspraak.nl).

De man en de vrouw zijn na een huwelijk van 21 jaar gescheiden. In het kader van hun echtscheiding zijn zij bijgestaan door een mediator en een advocaat. Met de mediator hebben zij één inhoudelijk gesprek gehad, de advocaat hebben zij alleen in videogesprek gesproken.

Partijen hebben afgesproken dat de vrouw geen partneralimentatie zou ontvangen. De vrouw heeft na enige tijd waarschijnlijk spijt gekregen van de afspraak. Zij verzoekt de Rechtbank alsnog om partneralimentatie van € 1.000 bruto per maand, met ingang van 1 mei 2013. Volgens de vrouw is er ten tijde van het sluiten van de overeenkomst sprake geweest van grove miskenning van de wettelijke maatstaven. De rechtbank wijst het verzoek van de vrouw af. De vrouw gaat vervolgens in hoger beroep.

In hoger beroep overweegt het Gerechtshof in Den Haag als volgt: Partijen hebben zich voor de totstandkoming van hun echtscheiding tot een mediator gewend. Onduidelijk is of de mediator de wettelijke grondslagen voor partneralimentatie met partijen heeft besproken en of hij partijen heeft voorgehouden welk bedrag de man – op basis van deze grondslagen – aan de vrouw voor partneralimentatie zou kunnen voldoen. Naar het oordeel van het hof rust op de mediator de verplichting om zodanige informatie aan partijen te verschaffen dat zij over en weer inzicht hebben in hun rechten en verplichtingen.

Het hof heeft verder evenmin kunnen vaststellen dat de door de mediator ingeschakelde advocaat partijen heeft voorgelicht omtrent hun wederzijdse rechten en verplichtingen met betrekking tot de onderhoudsverplichting. Partijen hebben die advocaat niet ontmoet; zij hebben hem slechts middels een videoboodschap opdracht gegeven hen te vertegenwoordigen in de echtscheiding. Naar het oordeel van het hof brengt de zorgvuldigheidsnorm die de betreffende advocaat jegens zijn cliënten in acht had dienen te nemen, met zich mee dat hij zich had moeten vergewissen of partijen zich bewust waren van hun rechten en verplichtingen, zodat zij niet zonder kennis van zaken afstand zouden doen van mogelijke rechten. Nu hij dit niet heeft gedaan, is het hof van oordeel dat partijen niet bewust zijn afgeweken van de wettelijke maatstaven toen zij als uitgangspunt voor de behoefte van de vrouw van haar netto inkomen ten tijde van de echtscheiding zijn uitgegaan.

Gelet op het inkomen va
n de man ten tijde van het sluiten van de overeenkomst en de hoogte van het netto gezinsinkomen tijdens de samenleving, komt het hof tot de conclusie dat er tussen de onderhoudsbijdrage waartoe de rechter zou hebben beslist en die welke partijen zijn overeengekomen, een duidelijke wanverhouding bestaat. Het hof is gelet daarop van oordeel dat het tussen partijen geldende convenant tot stand is gekomen met grove miskenning van de wettelijke maatstaven.

Het hof vernietigt de beschikking van de rechtbank en bepaalt de door man aan de vrouw te betalen partneralimentatie (na berekening van behoefte en draagkracht) met ingang van 1 juli 2013 tot 1 januari 2014 op € 539 bruto per maand, met ingang van 1 januari 2014 tot 1 juli 2014 op € 929 bruto per maand en met ingang van 1 juli 2014 op € 1.278 bruto per maand.

Bron: vfas nieuws


*Nieuwe regels voor alimentatie voorgesteld
De zorg voor de kinderen na een scheiding moet een belangrijk criterium worden bij het vaststellen van de alimentatie. Regeringspartijen PvdA en VVD presenteren vandaag een wetsvoorstel dat moet leiden tot meer duidelijkheid en rechtvaardigheid.

De Kamerleden Recourt (PvdA) en Van der Steur (VVD) introduceren een systeem waarmee scheidende ouders zelf kunnen berekenen hoe de alimentatie wordt verdeeld. Het automatisme dat de meest verdiende ouder het meest betaalt vervalt. De rechter hoeft geen uitspraak meer te doen over de bedragen, zoals nu nog het geval is. Dat leidt soms tot ondoorzichtigheid en onbegrip, zeggen de Kamerleden.

De achterliggende gedachte van hun wetsvoorstel is dat eenvoudigere regels leiden tot minder ruzie tussen de ex-partners, en daarmee tot minder schade voor hun kinderen. "Wat wij hebben gezien is dat er de laatste jaren veel meer ruzie ontstaat over kinderalimentatie dan nodig is.", zei Van der Steur in het NOS Radio 1 Journaal. "Toen hebben wij gezegd dat we gaan proberen om de kinderalimentatie eenvoudig en inzichtelijk te maken en mensen ook in staat te stellen om zoveel mogelijk zelf het heft in handen te nemen."

Bij meer dan de helft van de scheidingen zijn minderjarige kinderen betrokken. Die bleven voorheen vaak bij hun moeder, maar de laatste tientallen jaren zijn er veel meer verschillende omgangsregelingen. Gedeelde zorg is nu veel gebruikelijker en daar wil het wetsvoorstel bij aansluiten. VVD en PvdA zijn drie jaar bezig geweest met het voorbereiden van het wetsvoorstel.

Bron: NOS

 

*Vechtscheidingen: Feiten en cijfers
Advocaten en mediators komen in de praktijk globaal drie soorten echtscheidingen tegen:
• Ouders die de gevolgen van hun scheiding voor hun kinderen goed willen regelen en daar zelf redelijk goed uitkomen;
• Vechtscheidingen: ouders die hun relationele problemen blijven uitvechten en er samen niet uitkomen;
• Ouders die daar tussenin zitten: zij zijn nog niet in staat met elkaar te overleggen of het overleg verloopt moeizaam.

In Nederland treden ieder jaar ongeveer 80.000 mensen in het huwelijk en gaan gemiddeld 33.000 stellen scheiden. Van de 33.000 stellen die scheiden, hebben 20.000 stellen minderjarige kinderen. Jaarlijks krijgen gemiddeld 55.000 kinderen te maken met de scheiding van hun ouders.

Veel scheidingen verlopen redelijk goed en de ouders zijn na hun scheiding in staat om hun kinderen op te voeden in een veilige en evenwichtige gezinssituatie. Naar schatting verloopt 20 procent van de scheidingen problematisch. Jaarlijks krijgen circa 3.500 kinderen ernstig last van de scheiding van hun ouders.

Kenmerken van een vechtscheiding:
Vechtscheidingen verlopen zeer problematisch door slepende meningsverschillen. Er is veel onderling wantrouwen en ouders zijn niet in staat gezamenlijk tot goede oplossingen komen.
Vechtscheidingen gaan gepaard met hevige spanningen en conflicten tussen ouders, waardoor zij niet meer in staat zijn om het belang van hun kinderen voorop te stellen, of waardoor het kind inzet wordt van de strijd. Kinderen worden dan de dupe.
Vechtscheidingen gaan gepaard met zeer negatieve gevoelens naar de andere ouder en ook met acties die bedoeld zijn om de ander schade toe te brengen.

Verschillende factoren – die elkaar kunnen versterken – kunnen een rol spelen bij vechtscheidingen zoals: langslepende juridische procedures, financiële gevolgen van een scheiding, onverwerkt verdriet, psychologische problemen, een nieuwe partner of huiselijk geweld. Niet alleen de ouders en kinderen, maar ook het netwerk van de ouders raakt vaak betrokken in een vechtscheiding. Denk hierbij aan leraren, familieleden, vrienden en instanties. Soms kan een vechtscheiding ook een stil gevecht zijn. De ouders zwijgen elkaar ‘dood’ en het kind mag bijvoorbeeld niet over de andere ouder praten of zelfs de naam niet in huis noemen.


Door een vechtscheiding kunnen kinderen zo ernstig in de knel raken, dat het risico op problemen groter is. Denk hierbij aan: Verhoogde kans op emotionele problemen en depressieve gevoelens bij kinderen Slechtere prestaties op school Vaker problemen bij het (later) zelf aangaan van relaties.

Laat u bij een scheiding altijd goed adviseren en bijstaan door een specialist. Dat kan veel problemen voor u zelf en de kinderen voorkomen.

Bron: Rijksoverheid voor de jeugd.

 

*Wetsvoorstel tot wijziging van het huwelijksvermogensrecht.
Op dit moment is er bij de tweede kamer een initiatiefwetsvoorstel (initiatiefwetsvoorstel huwelijksvermogensrecht, kamerstukken II 33 987, www.tweedekamer.nl)in behandeling om de wettelijke gemeenschap van goederen te wijzigen. Volgens dit voorstel wordt de beperkte gemeenschap het hoofdstelsel, waar dat nu nog de wettelijke gemeenschap van goederen is.

Op grond van het voorstel maken voorhuwelijkse goederen en schulden niet langer deel uit van de huwelijksgemeenschap. In de huidige gemeenschap van goederen wordt bijvoorbeeld een woning van een van de echtgenoten door het huwelijk onderdeel van de gemeenschap van goederen, tenzij er in huwelijksvoorwaarden een andere regeling wordt opgenomen. In het nieuwe voorstel zal deze voorhuwelijkse woning en de daarmee verbonden voorhuwelijkse hypotheek, een privégoed en privéschuld van de betreffende echtgenoot zijn en blijven.

Het wetsvoorstel behelst verder dat ook een voorhuwelijkse onderneming niet langer in de gemeenschap zal vallen. Het ontwerp voorziet daarvoor dan wel in een regeling die als uitgangspunt neemt dat beide echtgenoten een gelijke aanspraak hebben op hetgeen door de inspanningen van hen beiden gedurende het huwelijk is verkregen. Ondernemingswinsten moeten aan de gemeenschap worden vergoed. Deze regeling zal zowel gelden voor ondernemingen in de vorm van een BV of NV, als voor personenvennootschappen. De keerzijde daarvan is dat ook ondernemingsverliezen van een privéonderneming ten laste komen van de gemeenschap.

Voorhuwelijkse schulden vallen volgens het ontwerp evenmin in de wettelijke gemeenschap. Hierdoor zou worden voorkomen dat privécrediteuren van de ene echtgenoot zich kunnen verhalen op gemeenschapsgoederen. Op grond van het wetsvoorstel zal een privécrediteur zijn vordering nog slechts op de helft van de opbrengst van een gemeenschapsgoed kunnen verhalen. De andere helft zal hij moeten afstaan aan de echtgenoot van de debiteur. De andere echtgenoot verkrijgt ook het recht om het gemeenschapsgoed waarop de privécrediteur verhaal zoekt tegen betaling aan de crediteur van de helft van de waarde over te nemen. Deze nieuwe regeling zal alleen gaan gelden voor privéschulden.

Ook wordt voorgesteld dat alle goederen en schulden die krachtens onder meer erfopvolging bij versterf of gift worden verkregen, niet in de wettelijke gemeenschap vallen. Een uitsluitingsclausule zal voortaan dus niet meer nodig zijn. Het omgekeerde zal dan wel kunnen; een ‘gemeenschapsclausule’ kan bepalen dat giften van gemeenschapsgoederen van de ene echtgenoot aan de andere wel tot de gemeenschap blijven behoren.

Op grond van het overgangsrecht zoals dat nu in het voorstel is opgenomen, zal de nieuwe (beperkte) gemeenschap alleen gaan gelden voor huwelijken gesloten op of na de invoeringsdatum.Uitzondering vormt bovengenoemde bijzondere verhaalsregeling in geval van privéschulden. Deze nieuwe regeling zal ook gaan gelden voor reeds bestaande wettelijke gemeenschappen.

Bron: B. Breederveld (FJR 2014/54)

November '14

Oktober '14

Top